U bent hier

Home

In naam van de Vader, de zoon en ….

De zoon sprak tot de Vader die in de hemel is en vroeg:

- Vader, hoe gaat het daarboven bij moeder Maria?

- Goed mijn zoon. God spreekt tot ons in onze moedertaal. En dat noemen ze dan terecht het paradijs.

 

- Vader, hier op aarde is alles kommer en kwel.

- God vertelde me over al die vluchtelingen. Een echte invasie, hoor ik. Je moet wel altijd consequent Kales zeggen en niet Calais zoals bij die walgelijke VTM‘ers.

 

- Daar heb ik het niet eens over, Vader. Het is nog straffer : er is opnieuw een mol bezig.

- Een mol? Dat is nog slechter nieuws, inderdaad. Je moet beslist kordaat optreden, zoon. En ik vraag God om onmiddellijke maatregelen tegen de mollen van ons bestuur.

 

- Die zijn het deze keer niet, Vader! ‘t Is weer dat stuurmannetje aan wal, die buitenstaander, buitenlander, onnozel, achterbaks, autistisch profiterende gefrustreerde rancuneus commercieel ingestelde sukkelaar, dat Frans-Vlaamse schrijvertje van mijn botten weet je wel.

- Maak je niet zo druk, zoon: ik heb alles goed bijgehouden in mijn halve eeuw oud archief. Het schrijverke heeft toch zijn verdiensten?

 

- Een mol heeft géén verdiensten Vader. Hij maakt ons grasperk kapot, dat is alles.

- Nochtans In 2010 schreef hij ‘dankbaar te zijn voor mijn daden’ en noemde me, terecht - alhoewel zeer onvolledig -, ‘stichter en bezieler van’.

En in 2013 lees ik: “hoed af voor de standvastigheid van mensen als je Vader”. Correcte formulering, niet waar? Ware het niet dat hij mijn rang en stand niet meldt als er zijn: secretaris, voorzitter, erevoorzitter, erevoorzitter voor het leven, enzovoorts, enzovoorts, enzovoorts.

 

- Vader, je vergeet nog ‘dichter’. En ook onderwijzer, vervolgens hoofdonderwijzer en hoofdonderwijzer met rust en..

- Zo is dat, mijn zoon. Maar in de hemel zijn die dingen van geen belang meer. Je bent dan binnen, weet je wel.

Nu, in 2014, had hij het nog over de - in zijn geval - meest volledige formulering tot op heden : ‘stichter en bezieler’ werd geassocieerd met onze stichtingsdatum, enz., enz., enz. En ‘secretaris, voorzitter en erevoorzitter’ met ‘talentvolle dichter en auteur van vele publicaties over ...’, enz., enz., enz.

Aan dit citaat valt weer negatief in te brengen dat mijn benoemingen, medailles, eretitels, enzovoorts, betreurwaardig genoeg niet in deze lijst zijn opgenomen…

 

- En weet u wat die scheve, schuine, schijnheilige mol nu heeft geschreven, vader?

- Ik weet dat mensen ondankbaar kunnen zijn. Ik hou mijn hart vast, zoon.

 

- In een nutteloos boek, gewijd aan een concurrerende ex-voorzitter van ons Komitee nog wel, heeft hij het over uw ‘alomtegenwoordigheid en persoonlijkheid’. Stel je voor!

- Is dat zo? Hm… is dat niet positief bedoeld?

 

- U bent veel te goedgelovig, Vader. Deze ernstige feiten, gepleegd door dit miserabele, misdadige misbaksel, zijn voor uw reputatie zeer schadelijk ende ook lasterlijk. Wij moeten radicaal en consequent optreden.

- Moet dat nu echt?

 

- Ja Vader het moet! Er is geen andere keuze. Zelf al is hij blind, je moet hem toch vangen, die mol, dat voze, vieze wroetende beest!

- En wat stel je dan voor?

 

- Er kan maar één, maar drievuldige straf zijn voor de mollen: een strenge veroordeling door ons bestuur, bij eenparigheid van stemmen; het schrappen van het schrijverke uit alle schaarse, schoolse, schone evenementen die wij organiseren. En, sublieme weerwraak, Vader, het…

- Wat dan mijn zoon?

- …het censureren en niet meer nomineren van zijn flauwe boeken voor de schitterende Prijs die uw naam draagt, Vader.

Deze fout hebben wij één keer gemaakt. En nu nooit meer.

 

- Zou ik niet beter eerst de mening van God vragen, mijn zoon?

- Dat is de mol te veel eer aan doen, Vader. Trouwens, u bent God in het diepste van mijn gedachten. En het antwoord van God zal ik u geven, Vader: ‘ Dood alle mollen : God gaat de zijnen wel erkennen’.

 

Vader en zoon baden nog even samen voor de afscheid. In naam van de Vader, de zoon en….

 

(Elke overeenkomst met bestaande personen, gebeurtenissen, plaatsen of entiteiten berust op louter toeval)

 

 

Mijn publicaties

Hier, en aan de overkant/deel 2

Kinderen van de beeldenstorm

Cyriel Moeyaert

De saga van Lodewijk

Broekers in waterland

Perspectief 2013

Een erfenis zonder testament

Wintertijd in Frans Vlaanderen

Gebruikerslogin